Zus maakt de soep klaar.

Moe is in de keuken.

Op het gas staat een pan.

In de pan zit soep.

Zus mag in de pan roeren.

De soep is al haast warm.

Hij mag niet te heet worden.

Moe, de soep is warm, roept zus.

Schep hem dan maar op een bord, zegt ma.

Zus brengt de soep naar de kamer.

Een bord voor mama en een bord voor zus.

O, wat smaakt die soep goed.

Lust jij nog meer, vraagt moe.

Ja graag, zegt zus.

 

© NIB Software. Alle rechten voorbehouden. Met vragen of problemen over deze site kunt u terecht bij NIB Software