|
Karin en Bart lezen een boek. Bart en Karin zitten in de kamer. Ze moeten van moeder een uur lezen. Bah, ze spelen liever buiten. Bart leest een stripboek. Karin leest een boek met sprookjes. Bart zingt zachtjes. Hou op, Bart, zo kan ik niet lezen. Bart tikt nu met zijn voet. Karin wordt boos. Dan gaat Bart ook lezen. Daar komt moeder met de thee binnen. Zitten jullie nog te lezen? Jullie zitten hier al twee uur. Wat is de tijd toch snel gegaan.
|
|